Lief dagboek

Het afscheid #1

Drie maanden geleden moesten we afscheid nemen van een heel belangrijk persoon. In die periode bleef ik vrij stil over wat er gebeurde. De verwerking bestond voor mij toen voornamelijk uit het delen met mijn familie. Maar vandaag voel ik de nood om hier toch over te schrijven, om het verhaal te delen. Het afscheid dat wij namen van mijn mémé…

Het kwam niet geheel onverwacht, het telefoontje. De vrijdag ervoor hadden we nog met z’n allen rond haar bed gestaan. De pastoor had haar de ziekenzalving gegeven. We hadden voor haar gebeden. Ik had haar de energie geschonken om de oversteek te maken. ‘Stil maar,’ zei ik in gedachten, ‘het is goed geweest, je mag nu gaan.’
Ik zie ons nog bij elkaar zitten met z’n vieren. Ik, mijn zussen en mijn moeder. Er werd gesproken over hoe we keken naar het leven na de dood, omdat ik toch een heel ander geloof had dan zij allen. Daar wordt normaal nooit zo openlijk over gesproken, maar nu had mijn moeder willen weten hoe ik dat allemaal zag. Ergens gaf het troost om te kunnen vertellen waar mémé naartoe zou gaan volgens mij. Het leven na de dood kan zo ingewikkeld zijn. We weten immers niet wat er voorbij dat moment ligt. We kunnen enkel maar raden.

Toch komt zo’n telefoontje binnen. Ik zat op mijn werk, was eigenlijk aan het zwoegen op een vrij moeilijke taak. Ik hoorde het meteen aan haar stem.
“Het gaat niet goed met mémé. Ze maakt heel hoge koorst en ze is niet meer omlaag te krijgen.” Ze zou er meteen heen gaan. Met tranen in mijn ogen legde ik de telefoon neer. Mijn diensthoofd keek me begripvol aan: “Ging dat over je oma?” Ik knikte. Daarna vroeg ik of ik die avond wat vroeger naar huis mocht gaan zodat ik nog naar Gent kon. “Als je dat echt wil, mag je van mij nu vertrekken.” Het was kort voor de middag en ik besloot om uit te loggen. “Ik ga eerst wat eten. Tenslotte moet ik dat thuis ook doen, dus dat maakt niet uit. Maar daarna vertrek ik naar Gent.”
Ik belde nog even mijn moeder op om haar op de hoogte te stellen. Ze klonk een beetje verbaasd, maar is het niet normaal dat je op zo’n moment gewoon bij het sterfbed van diegene die je lief hebt, wilt zijn?

In de kantine werd er door mijn collega’s vrolijk gedaan. Het leven gaat natuurlijk door. Ik kon het niet over mijn hart krijgen om hen meteen op de hoogte te stellen. Het was pas toen ik niet verder werkte, maar mijn spullen pakte dat ze zich vragen begonnen te stellen. Ik kreeg het met moeite over mijn lippen. In mijn ogen was dit weer het zoveelste vals alarm. Morgen zou ik hier gewoon terug staan en dan zou mijn mémé nog leven. Met heel veel moeite, maar ze zou er nog zijn. Wat had ik mij vergist. Ik zat op de fiets naar het station toen ik dat ongelofelijke telefoontje kreeg dat mémé overleden was. Mijn moeder was nog bij haar langs geweest. “Wacht op mij,” had ze gezegd, “ik ga nu J. halen en dan kom ik terug.” Mijn zusje zat in de examenperiode en zou die middag naar huis komen om te eten. Mijn moeder besloot om niet te blijven. Hoe had zij kunnen weten dat mémé haar reis zou beginnen zodra zij de kamer zou verlaten?

Op de trein kon ik me niet concentreren op een boek. Ik worstelde met alle gevoelens die bij mij boven kwamen. Geen ongeloof, maar wel onwezenlijkheid, ontworteling en intens verdriet. Alles kwam in uiting in een gedicht. De woorden stroomden als vanzelf. De stukjes vielen niet meteen op hun plaats, maar toen ik klaar was en opnieuw las wat ik had geschreven duurde het niet lang voor ik op publiceren klikte. In de auto moest ik enorm opletten, want ik zat in een andere wereld, terwijl het verkeer om me heen gewoon door raasde.

Verdwaasd kwam ik als eerste aan in het verpleegtehuis. En nu? Ik belde mijn moeder, maar hoorde dat zij nog onderweg was. Op straat blijven staan was geen optie. Dus besloot ik naar binnen te gaan. Ik nam de lift naar boven en wilde eerst aan haar kamerdeur blijven staan. Maar een verpleegster bracht haar condoléances over en gaf aan dat ik naar binnen kon. Weifelend duwde ik de deur open. Ik had eerst schrik voor wat ik zou aantreffen.

Mémé lag er vredig bij op haar bed. Ik draaide eerst wat rond. Het was een warme dag en in de kamer rook het al lang niet fris meer. Maar dit was mijn grootmoeder! Dit was de vrouw die mij voor een groot deel had opgevoed. De vrouw bij wie ik terecht kon als ik het moeilijk had. Waarom zou ik dan schrik hebben voor haar lichaam? Met eerbied legde ik een hand op haar hoofd en drukte daarna een kus op haar voorhoofd. ‘Het ga je goed,’ fluisterde ik waarna ik in een zeteltje naast haar bed ging zitten. In dat korte moment tussen mijn afscheid en de aankomst van mijn moeder en zussen flitste er zoveel door mijn hoofd. Het is onmogelijk te beschrijven welke beelden ik zag, de emoties die door me heen gingen en hoe ik daar zat te kijken naar een omhulsel waarvan de ziel al vertrokken was. Hoe zou het nu voor haar zijn?

Toen mijn moeder en zussen arriveerden, werd het pas helemaal moeilijk. Hun verdriet was ook groot. Hun verdriet voelde ik ook. En ik leefde met hen mee. De rest van de middag lijkt wel een in waas te zijn opgenomen: regelingen treffen. De begrafenisondernemer was er plots. Hij zou mémé meenemen. Daarna moesten we met zijn vrouw alle regelingen treffen voor de uitvaart. Willen we een dienst in de kerk of niet? Een crematie of een begrafenis? Wat wilden we met de as doen? Welke teksten moesten er worden voorgelezen? Wat wilden we op het doodsprentje? Welke brief wilden we versturen? Hoeveel? Wiens namen moesten op de brief? ‘Hoe schrijf je dat ook alweer mevrouw?’ Welke dag zou passen voor jullie? Dan moet er ook voor attestjes gezorgd worden. Moet er ook een pastoor aanwezig zijn? Christelijk of burgerlijk? Moeten er bloemen zijn? Neen, een donatie aan een goed doel. Welk goed doel? Kan u mij de gegevens bezorgen?

Ik pleegde nog een telefoontje naar het werk om te melden wanneer de uitvaart zou doorgaan. Graag een dag omstandigheidsverlof ja. En kan die en die mij vervangen op dat moment? Gelukkig zouden ze daar alles regelen en hoefde ik verder niets te doen. Of ik morgen op het werk zou zijn? Ja, ik denk het wel… Zou thuis blijven dan een optie zijn?

De volgende dag dacht ik daar anders over en ik verwittigde mijn diensthoofd dat ik niet aanwezig zou zijn. Ik had de hele avond ervoor liggen huilen in de zetel en was met diezelfde tranen in mijn ogen nog gaan slapen. De tijd om te rouwen zou kort zijn. We waren aan de slag in ons huis en dat kon moeilijk wachten. Op de uitvaart zelf zou er ook weinig mogelijkheid zijn om mijn gevoelens een plaats te geven. Dan ben je zo druk bezet met iedereen om je heen, herinnerde ik mij van de uitvaart van mijn grootvader, de man van mijn mémé. Ik besloot dus om mezelf een dag rust te gunnen om alles op een rijtje te zetten. En om mijn toespraak te schrijven.

Wat een werk was dat! Ik ging aan de computer zitten, de tranen vloeiden weer, maar ik kreeg geen letter op papier. Ik ging thee halen, nam een koekje en keek even televisie. Maar ik wist na afloop niet meer waarover het ging. Ik ging opnieuw aan de computer zitten, schreef een stuk, wiste dat omdat het niet goed genoeg was en ging lunchen. Het lege scherm bleef me aanstaren en hoeveel pogingen ik ook deed; ik eindigde iedere keer weer met dat lege scherm. Luna keek me niet begrijpend aan en ik nam haar leiband om een stukje te gaan wandelen. Daar in het zonlicht, met de hond bij mij zag ik hoe een ree het pad overstak. Heel schichtig keek het dier om zich heen en rende toen het volgende stukje bos in. Toen ik thuis kwam, vloeiden de letters uit mijn vingers terwijl de tranen over mijn wangen gleden, maar het was goed zo. Ik was nog niet geheel tevreden, maar de eerste aanzet was gemaakt.

Lees het tweede deel hier.

7 thoughts on “Het afscheid #1

  1. Wat een boel herkenning in je verhaal. Toen wij hier net een goede maand woonden werd mijn oma ook ziek en 3 weken later was ook zij aan haar laatste reis begonnen. Het was voor mij voor het eerst dat ik volledig werd betrokken bij alles. Waken aan het sterfbed, afscheid nemen. Maar ook ‘smorgens vroeg in alle stilte nog even bij oma zitten in een oorverdovende stilte. Een donkere kamer, geen enkel teken van leven meer. Wat vond ik dat intens. Het schrijven van een speech, meehelpen met het onwerpen van een kaartje. Oma gereedmaken in het uitvaartcentrum Ik vond het fijn om zo te kunnen helpen maar ook bijzonder intens allemaal. De wereld staat dan echt stil ineens…
    Sandy onlangs geplaatst…[prijsvraag] 8 jaar Passion 2 Create!My Profile

    1. Bij mijn oma sleepte het al langer aan, maar er is vaak vals alarm geweest. Vooral het feit dat je zo intens betrokken bent bij het overlijden van iemand die zo belangrijk is, maakt dat het mooi, beangstigend en zo emotioneel beladen is tegelijkertijd. Ja, heel herkenbaar!

  2. Je werd inderdaad even stil na dit was gebeurd, dat weet ik nog en dacht aan jou, mooi dat je het alsnog met ons wilt delen hoe het verlopen is.

    alsnog mijn condoleances en het is goed zo… <3

    X
    Morgaine onlangs geplaatst…SlapenMy Profile

Geef een reactie

You have to agree to the comment policy.

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.